SDS AEC RGR-zout-lichtbelast
|
SAFETY DATA SHEET Opgesteld volgens de notitie verantwoording opstellen SDS reststoffen, versie 2.0 (2016). Deze notitie is gebaseerd op EU richtlijn nr. 1907/2006, nr. 1272/2008, nr. 453/2010 en de Richtsnoer van ECHA voor het samenstellen van veiligheidsbladen, versie 2.2 (december 2014). |
||
|
AEC RGR-zout, lichtbelast
|
Pagina: 7 van 7 |
|
|
Opgesteld door: IndusTox Consult (fj) |
Versie: 2.0 Uitgave d.d.: 01-01-2016 |
|
1. IDENTIFICATIE VAN DE STOF EN VAN DE LEVERANCIER
|
1.1. Identificatie van de stof |
|
|
Productnaam: |
AEC RGR-zout (AEC = Afval Energie Centrale, voorheen AVI) |
|
Synoniemen: |
AEC Rookgasreinigingresidu, AEC-RGR, RGR-zout, RGR-Indampzout |
|
(Chemische) naam en formule: |
Vaste stof die resteert als gevolg van reiniging op chloor (en zwavel) uit de rookgassen van de AEC. Bestaat vnl. uit calciumchloride. |
|
Commerciële naam: |
AEC RGR-zout |
|
CAS nr: |
Niet van toepassing |
|
|
Afvalstoffen zijn vrijgesteld van registratie overeenkomstig de bepalingen van REACH. Er is geen registratienummer |
|
1.2. Gebruik van de stof |
|
AEC RGR-zout ontstaat als restfractie na verbranding van huishoudelijk afval en bedrijfsafvalstoffen. De zouten ontstaan na indamping van wasvloeistof van de rookgasreiniging na natte neutralisatie, bijv. met kalk, natronloog en actief kool. Het is vooral CaCl2 en CaSO4 dat resteert na reiniging van rookgassen op chloor en zwavel. Hoofdelementen zijn Ca en Cl. Ook het gehalte Na en S is hoog. Het product heeft een variabele samenstelling. Het product kan ook gebruikt worden als grondstof voor strooizout, als grondstof voor de productie van zoutzuur en als vulstof voor mijnen. Een klein deel wordt gestort. |
|
1.3. Identificatie van de producent |
|
|
Producent: Adres: PC+Plaats: Telefoon: Telefax: Algemeen E-mail: Web site: |
<invullen door leverancier> |
|
1.4. Telefoonnummer in geval van nood |
|
|
Producent: Telefoon (24 uur per dag): Nationaal contact: Telefoon: |
<invullen door leverancier>
Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum, 030 – 274 88 88 |
2. IDENTIFICATIE VAN DE GEVAREN
|
2.1. Indeling van de stof |
|
|
Classificatie volgens EU 1272/2008 |
Het product bevat onzuiverheden. Aangezien de concentraties lager zijn dan de drempel, is het niet nodig om de aanduiding “gevaarlijk voor de gezondheid” te hanteren.
|
|
EG-classificatie/EURAL |
Als gevaarlijke afvalstof geclassificeerd met indicatieve Eural code: 19 01 07*: vast afval van gasreiniging. Een afvalstof die op de lijst voorkomt en met een * is aangeduid, is een gevaarlijke afvalstof overeenkomstig Richtlijn 91/689/EEG betreffende gevaarlijke afvalstoffen.
|
|
2.2. Etikettering |
|
|
|
De CLP-gevarensymbolen voor mens en milieu zoals vastgesteld volgens interne vuistregels zijn aangegeven. Het product behoeft geen gevarenaanduiding. |
|
|
|
|
2.3. Andere gevaren |
|
|
|
Geen |
|
|
|
3. SAMENSTELLING / INFORMATIE OVER DE BESTANDDELEN
Niet alle aanwezige verontreinigende componenten zijn opgesomd, maar een selectie van gezondheidsrelevante en milieurelevante verontreinigingen is opgenomen.
|
Naam |
Percentage |
Gevarenaanduiding van bestanddeel |
|
AEC RGR-zout |
100% |
- |
|
Pb-verbinding |
0,5 – 1,5 g/kg |
H360, H332, H302, H373, H410 |
|
Zn-verbinding |
1 - 5 g/kg |
H302, H314, H410 |
|
Chloride-verbinding |
120 - 560 g/kg |
Nvt. |
|
Calcium-verbinding |
80 – 320 g/kg |
Nvt. |
|
Bromide-verbinding |
2 – 6 g/kg |
Nvt. |
|
Natrium-verbinding |
30 -170 g/kg |
Nvt. |
|
Sulfaat-verbinding |
3 - 100 g/kg |
Nvt. |
|
Som van 6 PCB’s |
< 175 µg/kg |
H373, H410 |
|
Dioxines (als TEQ) |
0,04 - 1 µg/kg |
H373, H350 |
4. EERSTEHULP MAATREGELEN
AEC RGR-zout van zouten van de natte neutralisatie heeft een pH tussen de 6,7 - 12,6. AEC RGR-zout is dus een basisch product. De onderstaande punten zijn daar op afgestemd.
|
4.1. Ogen |
|
|
Effect:
EHBO: |
Mogelijk irriterend voor de ogen. Rode ogen en tranen.
Met water spoelen en indien nodig een arts raadplegen.
|
|
4.2. Inademing |
|
|
Effect:
EHBO: |
Mogelijk lichte irritatie van de ademhalingswegen, maar niet snel te verwachten.
Frisse lucht; raadpleeg de bedrijfsarts of bij heftige reacties de Spoed Eisende Hulp
|
|
4.3. Inslikken |
|
|
Effect:
EHBO: |
Branderig gevoel in de maag.
Spoel de mond, water drinken, raadpleeg de Spoed Eisende Hulp van het dichtstbijzijnde ziekenhuis als de klachten langer dan een uur aanhouden.
|
|
4.4. Huid |
|
|
Effect:
EHBO: |
Mogelijk licht irriterend, rode huid.
Huid en handen voor het eten, drinken, toiletbezoek en roken eerst met water en zeep wassen, verontreinigde kleding uittrekken en regelmatig wassen voor hergebruik. Mocht huiduitslag ontstaan, raadpleeg dan de bedrijfsarts.
|
5. BRANDBESTRIJDINGS MAATREGELEN
|
Brandpreventie door:
Geschikte blusmiddelen: |
Het materiaal is niet brandbaar en niet explosief. Geen gevaarlijke situatie te verwachten in geval van brand.
Alle blusmiddelen toegestaan. |
6. MAATREGELEN BIJ ACCIDENTEEL VRIJKOMEN VAN DE STOF (met name bij verwaaiing)
|
6.1. Persoonlijke voorzorg |
|
|
|
Directe aanraking met de huid wordt afgeraden. Draag volledig gesloten lichaamsbedekkende werkkleding, gebruik werkhandschoenen en draag bij stoffige omgevingen een veiligheidsbril en adembescherming type FFP3.
|
|
6.2. Milieu voorzorg |
|
|
|
Houd ramen en deuren van gebouwen en voertuigen zo veel mogelijk gesloten. Voorkom dat AEC RGR-zout in de riolering, oppervlaktewater of rechtstreeks in de bodem kan komen.
|
|
6.3. Opruim methoden |
|
|
|
Voorkom het verwaaien van stof. Gemorst product zorgvuldig opscheppen en afvoeren in het kader van de Europese Afvalstoffenlijst. Spoel het restant niet weg in riolering of oppervlaktewater.
|
7. HANTERING EN OPSLAG
|
7.1. Hantering |
|
|
|
Voorkom stofvorming. Gebruik afzuiging op plaatsen met stofvorming. Gebruik adembescherming in geval van onvoldoende ventilatie. Eet, drink en rook niet op de werkplek. Was de handen na gebruik. Doe de persoonlijke beschermingsmiddelen af en doe werkkleding uit bij het betreden van de schaftruimte.
Voorkom weglekken van drainwater.
|
|
7.2. Opslag |
|
|
|
Opslag in vloeistofdichte voorziening. AEC RGR-zout heeft sterke hygroscopische eigenschappen waardoor dit granulaat met vocht een gebonden massa kan vormen. Door vochtaantrekkende werking kan een gebonden massa ontstaan. Opslag gedurende lange tijd in verwarmde silo. |
8. MAATREGELEN TER BEHEERSING VAN BLOOTSTELLING / PERSOONLIJKE BESCHERMING
|
8.1. Grenswaarden voor blootstelling |
|
|
Technische maatregelen: |
Neem bij handelingen met AEC RGR-zout voorzorgsmaatregelen om stofvorming tegen te gaan. Streef naar handelingen en transport in gesloten processen. Indien niet mogelijk zorg voor omkasting van werkplekken (cabines, met overdruk) of zorg voor adequate ventilatie.
|
|
Blootstellingslimieten: |
De branchevereniging Vereniging Afvalbedrijven (VA) beveelt de volgende streefwaarde aan voor inhaleerbaar stof van AEC RGR-zout: 1,0 mg/m3 als TGG-8 uur.
|
|
Persoonlijke beschermingsmiddelen: |
Ademhaling Bij werkzaamheden met stofvorming: stofmasker met FFP3-filter. Handen Bij werkzaamheden met handcontact: Scheurvaste werkhandschoenen. Oog Bij werkzaamheden met stofvorming: ruimzichtbril of veiligheidsbril. Huid en lichaam In ongereinigde omgeving: Volledig gesloten lichaamsbedekkende werkkleding. |
9. FYSISCHE EN CHEMISCHE EIGENSCHAPPEN
|
9.1. Algemene informatie |
|
|
Fysische vorm: |
Vaste stof. Korrelmaat van droog product < 1 mm |
|
Geur: |
Geen |
|
Kleur: |
Vaalgrijs |
|
9.2. Belangrijke gezondheid, veiligheid en milieu informatie |
|
|
pH: |
Tussen 6,7 en 12,6 |
|
Stortdichtheid: |
Los gestort ca. 500-700 kg/m3. |
|
Dampdichtheid: |
Niet van toepassing |
|
Smeltpunt: |
Niet van toepassing |
|
Ontbindingstemperatuur: |
Niet van toepassing |
|
Vlampunt: |
Niet brandbaar |
|
Kookpunt: |
Niet van toepassing |
|
Explosief: |
Niet explosief |
|
Oplosbaarheid in water: |
Goed oplosbaar. |
10. STABILITEIT EN REACTIVITEIT
|
10.1. Stabiliteit product |
|
|
|
Geen contact met grondwater vanwege uitloging van milieuschadelijke stoffen. |
|
10.2. Te vermijden materialen |
|
|
|
Calciumchloride tast metalen en bouwmaterialen aan.
|
|
10.3. Gevaarlijke ontledende stoffen |
|
|
|
Bij sterke verhitting ontstaat irriterend damp.
|
|
10.4 Reactiviteit |
|
|
|
Niet bekend en niet te verwachten
|
11. TOXICOLOGISCHE INFORMATIE
|
11.1. Acute toxiciteit |
|
|
Letale Dosis (LD)50 oral, rat: |
Niet bekend |
|
Directe gevolgen:
|
Wanneer stof in de ogen terecht komt kan dit irriterend werken en kan het een branderig gevoel geven. Bij het inslikken van de stof kan dit irritatie of een branderig gevoel geven van het maag-darmkanaal. |
|
11.2. Chronische toxiciteit |
|
|
Gevolgen op de lange termijn: |
Niet bekend. Verwacht mag worden dat herhaald, langdurig inademen van AEC RGR-zout zal leiden tot ontstekingen in de lagere luchtwegen en de longfunctie nadelig zal beïnvloeden. |
12. ECOLOGISCHE INFORMATIE
|
Ecotoxiciteit: Ecotoxicologische informatie is niet bekend. Het is waarschijnlijk dat door pH verschuiving effecten in aquatische ecosystemen mogelijk zijn.
|
13. INSTRUCTIES VOOR VERWIJDERING
|
13.1. Restafval / ongebruikte producten |
|
|
|
AEC-RGR-zout is aangeduid als een gevaarlijke afvalstof die uitsluitend door erkende vervoerders, inzamelaars, handelaars en bemiddelaars (VIHB-ers) met een beschikking mogen worden verwerkt in het kader van de Europese Afvalstoffenlijst en de besluiten melden c.q. inzamelen van afvalstoffen.
|
|
13.2. Verpakking |
|
|
|
Geen bijzondere eisen.
|
14. INFORMATIE OVER HET VERVOER
|
UN-nummer en klasse: |
UN 3077, milieugevaarlijke stof, vast, n.e.g. Klasse 9.
|
|
ADR/ADNR/RID: |
Aanduiding in het vervoersdocument UN 3077, milieugevaarlijke stof, vast, n.e.g. Klasse: 9 Classificatiecode: M 7 Verpakkingsgroep: III Labels: 9 + markering “milieugevaarlijke stof” |
|
Algemeen: |
Transport over de weg in silo-auto’s. Transport over water in afgedichte bulkschepen. Transportmiddelen uitrusten met adequate stofafvangvoorziening. Bij laden/lossen persoonlijke beschermingsmiddelen gebruiken. |
15. WETTELIJK VERPLICHTE INFORMATIE
|
EG classificatie afvalstoffen |
Indicatieve Euralcode 19 01 07*: vast afval van gasreiniging.
|
|
EG gevarenindeling |
EG Regelgeving gevaarlijke stoffen is niet van toepassing omdat het een afvalstof betreft. De CLP-gevarensymbolen voor mens en milieu zoals vastgesteld volgens interne vuistregels zijn aangegeven. Het product behoeft geen gevarenaanduiding. |
16. OVERIGE INFORMATIE
|
16.1. Overige informatie |
|
|
Training en instructie veilig werken |
Werknemers moeten worden geïnformeerd de gevaren van het product en een training krijgen in veilige werken met het product onder de van toepassing zijnde regels. Voor een veilige hantering van dit product dient u de informatie uit dit veiligheidsinformatieblad onder de aandacht te brengen van het personeel dat met dit product werkt.
|
|
Aansprakelijkheid |
Dit veiligheidsinformatieblad geeft de belangrijkste gezondheids-, veiligheids- en milieu-aspecten weer van dit product. Voor een veilige hantering van dit product dient u de informatie uit dit veiligheidsinformatieblad onder de aandacht te brengen van al het personeel dat met dit product werkt. De gegevens zijn gebaseerd op onze kennis met betrekking tot het betreffende product op de datum van uitgifte. Deze zijn te goeder trouw opgenomen. De gegevens zijn voor zover ons bekend correct en volledig op het moment dat deze MSDS is samengesteld. De producent wil er echter met nadruk op wijzen dat de verantwoordelijkheid bij de gebruiker ligt en daarom geen enkele aansprakelijkheid aanvaardt voor schade in welke vorm dan ook ontstaan door het verkeerd gebruiken van gegevens uit dit MSDS. Desalniettemin zal het op de juiste wijze gebruiken van het product een optimale veiligheid waarborgen.
Dit blad is afgestemd op de Europese en de Nederlandse regelgeving. De wettelijke Nederlandse regels zijn niet in het buitenland geldig.
|
|
|
|
