Arbocatalogus Afvalbranche

Dé arbostandaard voor alle bedrijven in de afvalsector!
In ontwikkeling

Dragen zichtkleding door afvalbeladers

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Maatregel naar plaats in de Arbeidshygiënische Strategie: 
Wettelijke verplichting
Beschrijving van de maatregel 

De werkgever is verplicht om werknemers (inclusief uitzendkrachten en vrijwilligers) die werkzaamheden op of langs de openbare weg verrichten, doelmatige werkkleding te verstrekken en de werknemers zijn verplicht om de verstrekte werkkleding daadwerkelijk te dragen. Doelmatige werkkleding is voor andere weggebruikers goed zichtbaar en geeft voldoende bescherming tegen scherpe voorwerpen en voldoet aan eisen voor slijtvastheid, wasbaarheid en draagcomfort. De stofkeuze is van belang voor voldoende ventilatie en het voorkomen van bovenmatige transpiratie.

Bij koud weer is het van groot belang om steeds zelf warm te blijven, want in de vrieskou of bij harde wind is het moeilijk om weer op te warmen. Het is makkelijker iets uit te trekken als het te warm blijkt. Bij winters weer is het dragen van meerdere lagen kleding het meest effectief. Andersom is het van belang binnen niet te warm gekleed te zijn, als daarna in de kou gewerkt moet worden. Een jas biedt buiten weinig warmte als hij al binnen gedragen wordt.

Bij winterweer wordt aangeraden om:

  • het meer-lagen-kleding-principe toe te passen
  • beschermende kleding te kiezen die past bij de weersomstandigheden van het moment zoals thermo onderkleding bij vrieskoude, een winddicht jack bij hard wind en een doorwerkpak bij regen
  • een hoofddeksel zoals muts of pet en handschoenen te dragen
  • warmte-isolerend schoeisel te dragen dat voorkomt dat de kou vanuit de grond of vloer het lichaam intrekt

Wanneer het buiten niet alleen koud maar ook glad is, is bovendien een goed profiel van het schoeisel nodig. Ook kan gedacht worden aan antislipijzers, overschoenen, hoesjes of dergelijke om de kans op uitglijden te beperken.

Bij zomerse weersomstandigheden is het van groot belang dat medewerkers goed beschermd zijn tegen de risico’s van tropische temperaturen (hoger dan 30 °C), hoge zonkracht en UV-straling.
Bij zomerweer wordt aangeraden om:

  • beschermende kleding te kiezen die past bij de weersomstandigheden van het moment zoals luchtige, goed ventilerende kleding die de huid bedekt en voldoende bescherming biedt tegen UV-straling
  • warmteweerkaatsende kleding van een lichte kleur te overwegen als bescherming tegen sterke zonnestraling
  • een hoofddeksel zoals pet te dragen

Tijdens werkzaamheden op of langs de openbare weg is zichtbaarheid van afvalinzamelaars van het grootste belang. Andere weggebruikers moeten deze medewerkers opmerken en zo snel mogelijk zien. Binnen de bebouwde kom waar 50 km/uur als maximumsnelheid is bovenkleding van klasse 2 waarschuwingskleding toegestaan. Om aan de eisen van Rijkswaterstaat en andere wegbeheerders te voldoen, verstrekken steeds meer werkgevers alleen nog klasse 3 werkkleding.

Agressie en geweld

Bij functies in de openbare ruimte en met publiekscontacten zoals de belader tijdens afvalinzameling kan het dragen van schone, nette bedrijfskleding de behoefte aan agressieve uitingen van een bezoeker beperken. Iemand die geërgerd is, houdt zichzelf gemakkelijker in bedwang als hij fatsoenlijk wordt behandeld. Onverzorgde, vuile werkkleding kan de spreekwoordelijke druppel zijn die de emmer doet overlopen, omdat de betreffende medewerker niet serieus genomen wordt.

Wat is verplicht?

De werkgever is verplicht om afvalbeladers die werkzaamheden op of langs de openbare weg verrichten, doelmatige zichtkleding te verstrekken en de werknemers zijn verplicht om de verstrekte werkkleding daadwerkelijk te dragen. De draagplicht van fluorescerende zichtkleding geldt voor inzamelaars van huishoudelijk afval en bedrijfsafval.

Tijdens het werken op of langs de openbare bij daglicht is het dragen van bovenkleding (hesje) van klasse 2 conform de NEN-norm NEN-EN-ISO 20471:2013 (Cor. 2013-06) (engels) voor waarschuwingskleding verplicht. Bij slecht zicht zoals schemering en mist en langs wegen waar de maximumsnelheid hoger dan 50 km/uur is, dient klasse 3 veiligheidskleding te worden gedragen. Aangezien afvalinzameling bij slecht zicht bijna onvermijdelijk is, is klasse 3 zichtkleding het uitgangspunt voor alle afvalinzamelbedrijven. Een eventuele keuze voor klasse 2 zichtkleding wordt onderbouwd in de risico-evaluatie van het bedrijf, waarbij rekening wordt gehouden met richtlijn CROW 96b Werk op niet-autosnelwegen, en vereist instemming van de ondernemingsraad.

De risico-inventarisatie en -evaluatie of een taak-risico-analyse van het bedrijf onderbouwt op basis van criteria zoals gevaar voor scherpe voorwerpen en blootstelling aan stof en biologische agentia de keuze voor het toestaan van korte mouwen of pijpen bij warm weer òf het altijd verplichten van lange mouwen of pijpen van respectievelijk bovenkleding en broeken.

Aanpassing aan seizoenen

Het aanpassen van de werkkleding aan de seizoenen is niet alleen belangrijk voor comfort, maar ook om hittestress in de zomer en onderkoeling in de winter te voorkomen. Keuze voor het meer-lagen-kleding-principe in de winter is sterk aanbevolen.

Tijdens extreme koude weer is het noodzakelijk om in aanvulling op werkkleding voor winterweer nog andere maatregelen te nemen om onderkoeling van werknemers te voorkomen. Tijdens een hittegolf is het noodzakelijk om in aanvulling op werkkleding voor zomerweer nog andere maatregelen te nemen om oververhitting van de werknemers te voorkomen.

Maximumsnelheid tot 50 km/uur

Bij het werken op of langs de openbare weg waar 50 km/uur als maximumsnelheid geldt, is het verplicht om bovenkleding (jas, trui of shirt) van minimaal klasse 2 voor waarschuwingskleding te dragen. Bij duisternis en andere omstandigheden die het zicht beperken (zoals schemering, harde regen, sneeuwval of mist), wordt signaalkleding van klasse 3 gedragen. Bij omstandigheden die het zicht beperken, is het dragen van signaalkleding zonder mouwen (zoals een hesje of overall) of korte mouwen (shirt) onvoldoende vanwege het ontbreken van fluorescentie op de mouwen.

Maximumsnelheid boven 50 km/uur

Bij het werken op of langs openbare wegen waar een maximumsnelheid boven de 50 km/uur geldt, is het dragen van klasse 3 bovenkleding (jas, trui of shirt) plus klasse 3 broek verplicht. Indien Rijkswaterstaat de wegbeheerder is, wordt voor signaalkleding in de voorgeschreven fluorescerende oranjerode kleur gekozen.

Biologische agentia

Indien uit de risico-inventarisatie en -evaluatie van het bedrijf blijkt dat de werkkleding tijdens de afvalinzameling vervuild kan raken met biologische agentia (van risicoklasse 2, 3 of 4) dan gelden de volgende regels:

  • de werkkleding wordt bij het verlaten van de arbeidsplaats, direct na het beëindigen van de werkzaamheden, uitgetrokken in de aangewezen kleedruimte
  • de werkkleding mag niet mee naar huis worden genomen en wordt op het bedrijfsterrein opgeborgen
  • de werkkleding wordt op een andere plaats opgeborgen dan overige kleding
  • het bedrijf zorgt voor het reinigen, zo nodig ontsmetten, of het vernietigen van de werkkleding
Uitzonderingen of aanvullingen

De risico-inventarisatie en -evaluatie of een taak-risico-analyse van het bedrijf kan na instemming van de ondernemingsraad leiden tot uitzonderingen of aanvullingen op deze paragraaf over de draagplicht van klasse 3 zichtkleding op of langs de openbare weg.

Beoogd effect 

Basismaatregel om uit oogpunt van verkeersveiligheid fluoriserende zichtkleding te verstrekken aan afvalbeladers die op of langs de openbare weg inzamelwerkzaamheden verrichten, waarbij het dragen van werkkleding een wettelijke verplichting is.

Meer informatie 
  • Neem voor nader advies over geschikte werkkleding voor de functie van belader of afvalinzamelaar contact op de wegbeheerder(s) en met een leverancier van werkkleding.
  • Klassen voor de oppervlakte fluorescerend en retroreflecterend materiaal zijn vastgelegd in de norm voor waarschuwingskleding, die ook wel signalisatie-, of zichtkleding wordt genoemd:
    • Klasse 1: 0,14 m² fluorescerend en 0,10 m² retroreflecterend materiaal voor herkenbaarheid op eigen bedrijfsterrein, niet toegestaan voor werk langs openbare wegen
    • Klasse 2: 0,50 m² fluorescerend en 0,13 m² retroreflecterend materiaal voor werkzaamheden bij daglicht waar maximumsnelheid van 50 km/uur geldt
    • Klasse 3: 0,80 m² fluorescerend en 0,20 m² retroreflecterend materiaal voor werkzaamheden bij verminderd zicht of langs wegen met maximumsnelheid van meer dan 50 km/uur
  • Indien Rijkswaterstaat of andere wegbeheerder naar de normen van publicatie CROW 96b verwijst, moet rekening worden gehouden met de volgende overgangsperioden voor de voorgeschreven oranjerode kleur:
    • Vanaf 1 januari 2021 moet nieuwe signaalkleding worden uitgevoerd in voorgeschreven fluorescerende oranjerode kleur
    • Vanaf 1 januari 2026 mag signaalkleding in een andere kleur dan de voorgeschreven fluorescerende oranjerode kleur niet meer worden gedragen bij wegwerkzaamheden
Wet- en regelgeving